Boeken voor kinderen vanaf 4 jaar.
Wil je een boek bestellen mét een persoonlijke opdracht van de schrijfster
erin?
Bestel je boek bij
bruna.vorden@xs4all.nl
![]() |
Mijn Tweede Van Dale Dit is een voorleeswoordenboek voor kleuters. Het bevat 300 lastige woorden. Het zijn vaak abstracte begrippen zoals verliefd, het weer, het idee en ongerust. Collega-kinderboekenschrijfster Betty Sluyzer, Van Daleredacteur Lineke Oppentocht en ik hebben de lijst samengesteld. Betty schreven de verhaaltjes. Daarin leggen we één begrip uit; en er komen twee tot vier andere woorden in voor, die er mee te maken hebben. Het verhaaltje wordt gevolgd door een definitie. ( Het is tenslotte een woordenboek) en een suggestie om verder over het verhaaltje door te praten, of om er iets mee te doen. Kijk ook op de site www.vandale.nl. Daarop vind je lijsten van de onderwerpen, de personages, van tegenstellingen die in de verhaaltjes voorkomen. |
![]() |
Myn twadde Fryske Van Dale 'Mem, Jodocus seit dat ik fereale bin. Wat is dat?' 'Heit, wat is in avontoer. Is dat altiten spannend of gefaarlik?' Tsja, jou mar ris antwurden op sokke fragen. Dit boartlike foarlêwurdboek befettet 1000 wurden dy't lêstich binne om oan beuker ut te lizzen. |
| Sprookjes |
|
![]() |
Gelaarsde kat Er was eens… een kat en hij heette Karel. Hij woonde bij een molenaar die drie zoons had. De jongste heette Mark. Die zorgde het beste voor Karel. Toen de molenaar stierf, kreeg Mark de kat. Vanaf dat moment zorgde Karel voor Mark. En hoe! |
![]() |
Roodkapje Sprookjesreis genomineerd voor de kinderboekwinkelprijs! Klik hier voor meer informatie daarover. Er was eens een meisje dat Roodkapje heette. Ze woonde met haar moeder aan de rand van het bos. Daar hadden ze een pannenkoekenhuis. Ze maakten voor iedereen lekkere dingen, ook voor Lasse de wolf. Roodkapje vond Lasse heel aardig. Toen werd de oma van Roodkapje ziek. Roodkapje ging langs met lekkere dingen. Onderweg kwam ze Lasse tegen. Sinds een kleine operatie was hij veranderd. Waarom keek hij ineens zo eng? |
![]() |
Klein Duimpje Er was eens een jongetje, hij heette Klein Duimpje. Hij was de jongste van zeven broers en hij was niet groter dan een duim. Zijn vader was niet zo goed in het verzinnen van namen. De oudste van de jongens noemde hij Kop. Die daarna heette Wijs, naar de wijsvinger. de derde heette Oor, de vierde Knie, de vijfde Vuist en de zesde Grote Teen. Die was ook niet zo groot ... In dit verhaal kom je erachter hoe Klein Duimpje en zijn broers in het bos terecht kwamen. En wie de broodkruimeltjes die Klein Duimpje strooide echt heeft opgegeten. Dacht jij dat het de vogels waren? Dan heb je het mis |
![]() |
De kikkerkoning Er was eens een kikker. Hij heette Thomas en hij was op zoek naar een prinses die hem een kus wilde geven. Geen kikkerprinses, maar een echte, met mooie, haren, een prachtige jurken een gouden kroontje. Op een dag zag hij er een, Ze speelde met een gouden bal valk bij de vijver waar Thomas woonde. Zou zij hem willen kussen? |
![]() |
De nieuwe kleren van de keizer Er was eens ... een tweeling: een jongetje en een meisje. Ze heetten Yan en Lin. Ze woonden in het paleis van de keizer. Hun moeder was daar schoonmaakster. De keizer hield veel van mooie spullen, ook van mooie kleren. Op een dag kwamen er een paar wevers op bezoek. Zij beloofden de keizer kleren die niemand had, Maar Yan en Lin wisten het zo net nog niet. Waren die kleren echt wel zo mooi? |
![]() |
De kleine zeemeermin Er was eens een koninkrijk onder de zee. Daar woonden de zeekoning en zijn zeven zeemeerminnendochters. De jongste zeemeermin, Elisa, was nieuwsgierig naar de wereld van de mensen. Op haar vijftiende verjaardag mocht ze naar boven zwemmen. Daar werd ze in één klap verliefd op de eerste mens die ze zag. |
![]() |
De wolf en de zeven geitjes Er was eens een klein geitje Hij heette Roman. Roman wilde spelen met zijn zes broers en zussen, maar zij vonden hem te klein. Op een dag ging moeder geit boodschappen doen. ‘Neem je Roman mee?’ vroeg het oudste geitje. ‘Anders moeten we de hele dag op hem passen.’ ‘Nee,’zei moeder geit. ‘Het wordt tijd dat jullie zien dat Roman groot wordt.’ En dat was ook zo. Toen moeder geit weg was, hield Roman steeds de wolf buiten de deur. Tot hij even naar de wc moest. Toen liet het oudste geitje per ongeluk de wolf binnen… |
![]() |
Vrouw Holle Er was eens een meisje, ze heette Irem. Als ze uit school kwam, mocht Irem niet spelen, tekenen of lezen. Irem moest poetsen, vegen, koken en water halen. Op een dag viel Irem in de waterput. Ze viel en bleef maar vallen, tot ze neerkwam in de wereld van vrouw Holle. Bij haar was het heel gezellig. Veel gezelliger dan bij Irem thuis. En toch kreeg Irem heimwee… |
![]() |
Doornroosje Er was eens een prinsje, hij heette Casper. Zijn mama had een kindje in haar buik. Toen het babytje geboren was, zei zijn papa: “Casper, jij mag voor iedereen een kaartje maken om te vertellen dat je een zusje hebt gekregen. Ze heet Doornroosje.” Casper maakte kaartjes voor iedereen. De mooiste kaartjes waren voor de feeën. Daarna kon het geboortefeest beginnen! |
![]() |
De Chinese nachtegaal Er was eens een meisje, ze heette Yasmin. Ze woonde in een klein huisje aan zee. Yasmin hield van mooie dingen. Van de zon die in de zee ondergaat, van de sterrenhemel en van het gezang van de nachtegaal in haar tuin. De keizer van het land hield ook van mooie dingen. Toen hij hoorde van het gezang van de nachtegaal besloot hij de nachtegaal in een gouden kooi te houden. Maar zo kon Yasmin er niet meer van genieten… |